Tenzij het verleden voorbij is in mijn geest, moet de werkelijke wereld aan mijn zicht ontsnappen. Want ik kijk werkelijk nergens naar; en zie slechts wat er niet is. Hoe kan ik dan de wereld waarnemen die vergeving me biedt? Om dit te verbergen werd het verleden gemaakt, want dit is de wereld die alleen nu kan worden gezien. Ze heeft geen verleden. Want wat anders dan het verleden kan vergeven worden, en als het is vergeven, is het voorbij.
Vader, laat me niet naar een verleden kijken dat er niet is. Want U heeft me Uw eigen vervanging aangeboden, in een huidige wereld die door het verleden onaangeraakt en vrij van zonde is gelaten. Hier is het eind van schuld. En hier word ik gereed gemaakt voor Uw laatste stap. Moet ik dan eisen dat U nog langer wacht voordat Uw Zoon de liefelijkheid vindt die U als het eind van al zijn dromen en al zijn pijn heeft beschikt?