Ik heb de wereld inderdaad verkeerd begrepen, omdat ik mijn zonden erop heb gelegd, en die naar me terug zag kijken. Hoe kwaadaardig leken ze! En hoe misleid was ik te denken dat wat ik vreesde zich in de wereld bevond, in plaats van enkel in mijn geest. Vandaag zie ik de wereld in de hemelse zachtaardigheid waarmee de schepping schijnt. Er schuilt geen angst in. Laat niet de schijn van mijn zonden het licht van de Hemel verduisteren dat op de wereld schijnt. Wat daar weerspiegeld wordt is in de Geest van God. De beelden die ik zie weerspiegelen mijn gedachten. Toch is mijn geest één met die van God. En dus kan ik de zachtaardigheid van de schepping waarnemen.
In stilte wil ik naar de wereld kijken, die enkel Uw Gedachten weerspiegelt en ook de mijne. Laat me herinneren dat ze dezelfde zijn en ik zal de zachtaardigheid van de schepping zien.